DSL – de techniek

DSL, ook wel xDSL genoemd staat voor de vele soorten Digital Subscriber Line. De x staat voor een variant op DSL zoals ADSL, en VDSL. Deze techniek gaat over de oude koperlijn die initieel gebruikt werd voor POTS (Plain Old Telephone Service), oftewel de telefoonlijn. Voor internet over deze lijn was oorspronkelijk een basisabonnement met Telefonie nodig. En was er sprake van lijnhuur door internetproviders (NLS-kosten). Tegenwoordig is dit niet meer nodig, als de aansluiting maar aanwezig is. De snelheid met DSL is zeer variabel, afhankelijk van de afstand tot de wijkkast. Voor de oudere varianten ADSL (Asymmetric Digital Subscriber Line) en ADSL2 gelden maximale snelheden van 25 Mbps als je vlak bij de centrale zit. Vanaf ongeveer 3 kilometer zit je met een dermate verstoord signaal dat

geen enkele versie van ADSL nog een snelheid van meer dan 10Mbps kan halen.

VDSL daarentegen heeft een grotere bandbreedte (30 MHz tegenover 1 MHz voor ADSL) waardoor er meer spectrum beschikbaar is voor dataoverdracht. VDSL (Very-high-bitrate Digital Subscriber Line) biedt daarentegen geen voordelen ten opzichte van ADSL voor verbindingen verder dan 3 kilometer van de centrale. Zowel ADSL als VDSL kunnen gebruik maken van zogeheten pair bonding. Dit is in feite niets anders dan twee DSL-lijnen gebruiken als een snellere lijn. Je verdubbelt hiermee je bandbreedte in theorie, in de praktijk komt ongeveer de helft van je oorspronkelijke snelheid erbij. Pair bonding is niet overal beschikbaar, alleen waar de dubbele paren tot aan het huishouden liggen kan dit gebruikt worden.